Mensgerichte Artificiële Intelligentie

AI, de gezondheidszorg en de samenleving

Onder leiding van Daniël Tijink van ECP praat een tafel vol deskundigen over AI, en de kansen en mogelijkheden die AI aan de samenleving geeft. Maar wat hebben buurtcoaches en nachtbewaking hiermee te maken?

Aan tafel Pieter Jeekel, kwartiermaker voor NLAIC, Emile Aarts, professor aan de Tilburg University en voorzitter van de werkgroep Maatschappelijke Acceptatie en Inclusie. Andrea Evers, hoogleraar Healthy Society aan de Universiteiten van Delft, Leiden en Rotterdam, en Brigitte Boon, Chief Research Officer Digital Healthcare bij Academy Het Dorp.

Impact op de gezondheid van de burger
De kijkers kunnen ook hun zegje doen, door te reageren op een aantal stellingen.
Stelling 1 luidt: ‘Ik weet wat de NLAIC doet.’ De overgrote meerderheid van de kijkers heeft geen idee.

Jeekel: ‘Ik ben heel blij dat het nee is, anders had ik meteen weer naar huis gekund. De Nederlandse AI Coalitie is opgericht om Nederland in een betere positie te krijgen op het gebied van AI. Universiteiten, VNO-NCW en het bedrijfsleven werken hierin samen. We zijn begonnen met de basis goed op orde te krijgen. We moeten onze data en ons onderzoek goed met elkaar kunnen delen. Daarna hebben we gekeken naar de verschillende toepassingsgebieden: defensie, energie en gezondheid en zorg. Ik ben verantwoordelijk voor het laatste onderdeel. We zijn in april gestart, en meteen waren er 200 partijen die zich bij ons aansloten, die een stap verder wilden komen op het gebied van AI. Dat waren universiteiten en ziekenhuizen, maar ook huisartsen, bedrijven en patiëntenverenigingen.   
Maar wat gaan we doen? Er gebeurt veel op AI-gebied. Maar we zijn flink versnipperd. Er is een groot belang om samen te werken in een coalitie. Alleen zo kunnen we flink opschalen om zo een grotere impact te hebben op de gezondheid van de burger en op het werk van de zorgverlener.’

Onze labs gaan altijd over iets dat in de maatschappij speelt.

Waar komt de problematiek vandaan?
De kijkers zijn bijgepraat. Op naar stelling 2: Ik weet wat ELSA Labs zijn.
Wederom hebben de toehoorders nog geen idee. Aan Emile Aarts de taak om over zijn ‘kindje’ te vertellen: ‘Hoe haal je kennis uit de samenleving? Hoe betrek je de maatschappij bij innovaties op het gebied van AI? Daarvoor hebben we ELSA bedacht. Een meisjesnaam, maar ook een acronym: Ethical Legal Social Labs. Daar zijn vier quadruples bij betrokken: universiteiten, bedrijven, overheid en de burgers van Nederland. Onze labs gaan altijd over iets dat in de maatschappij speelt. Denk aan fraudebeheersing, armoede of schuldsanering. We weten dat het speelt, maar we weten niet precies waar de problematiek vandaan komt. Omdat niemand ermee te koop loopt.  

Data-heavy
Maar hoe wordt je een ELSA Lab? Aarts: ‘Je project moet ingebed zijn in de sociaal maatschappelijke problematiek. Er moet een AI-inbedding zijn, of zoals wij zeggen: het moet data-heavy en algorithm-savvy zijn. De vier partijen moeten samen participeren. En je onderwerp moet echt impact hebben. Ons idee is dat je door de problematiek in kaart te brengen, je dichterbij de oplossing komt. Onze droom is tientallen ELSA Labs door heel Nederland, die samenwerken, snel van elkaar leren en hun nieuwe inzichten omzetten in iets werkbaars.’

Preventie als toverwoord
Andrea Evers werkt al aan projecten die met gemak een ELSA Lab zouden kunnen worden. De keuze voor AI was een makkelijke: ‘Het is één van de belangrijkste ontwikkelingen van onze tijd’. Met haar Health en Wellbeing- programma, een samenwerking tussen tien universiteiten en het bedrijfsleven, richt ze zich op de gezondheid buiten de zorg. Preventie is hierbij het toverwoord. ‘Ons doel is de gezondheidsverschillen in de samenleving te verkleinen. Door bijvoorbeeld onderzoek te doen in de wijken, met buurtcoaches samen te werken, en interventies op te zetten. Elke universiteit heeft contact met regionale partners. Zo kunnen we concreet onderzoek doen, waar de burger iets aan heeft.
AI is daarin erg belangrijk. Evers: ‘We hebben een app waarmee mensen hun gezonde leefstijl kunnen monitoren. We belonen wat ze doen, niet het resultaat. Zo stimuleren we hen om te bewegen, om goed te slapen. Deelnemers mogen zelf bepalen met wie ze de informatie delen. Het is mooi wanneer ze dat doen met bijvoorbeeld hun cardioloog.

Er gebeurt dus al veel moois. Maar Evers ziet ook verbeterpunten. ‘We zijn nog niet zo goed in opschalen op de lange termijn, en vervolgstappen zetten om echt een verschil te maken voor de burger. Regionaal wordt er veel samengewerkt, maar de kennis is niet gebundeld. Iedereen vindt het wiel een beetje opnieuw uit. Maar we blijven achterlopen als we niet samenwerken. Als we een ELSA Lab zouden worden, zou dit een unieke kans zijn om dat wél te doen.’

AI en nachtzorgtechnologie
Brigitte Boon zit aan tafel namens Academy Het Dorp. Ze hoeft maar ‘Mies Bouwman’ te noemen en de kijker van middelbare leeftijd weet meteen wat ze bedoelt. Het Dorp was de eerste woongemeenschap voor mensen met een beperking, en de financiering voor Het Dorp is in 1962 met behulp van Mies Bouwman opgehaald. Legendarische televisie. We zijn inmiddels bijna zestig jaar verder, en Het Dorp is nog altijd aan het innoveren.
Boon: ‘Technologie is in het hart van de zorg gezet. We kwamen erachter dat veel technologie niet geschikt is voor mensen met een beperking. Dus is Academy Het Dorp opgericht, waarin we samenwerken met bedrijven om ervoor te zorgen dat technologie voor iedereen beschikbaar is, óók voor mensen met een beperking.’

Er wordt daarbij nauwkeurig gekeken naar wat er nodig is om een nieuwe technologie te implementeren. Een voorbeeld is de nachtzorgtechnologie. Veel cliënten worden ‘s nachts bewaakt, omdat zij een gevaar voor zichzelf kunnen zijn. Nu gebeurt dat nog met een soort ‘super babyfoon’. Stel nou dat je dit zou kunnen doen met reactieve technologie, waardoor het ook een lerend systeem zou worden? Een systeem dat je op maat kunt instellen? Dat geeft heel veel voordelen. Maar het roept ook een aantal ethische vragen op.’

Technologie is in het hart van de zorg gezet

Boon en haar collega’s beginnen altijd met gesprekken met iedereen die met de nieuwe techniek te maken heeft: de ouders en begeleiders van de cliënten, de medewerkers. Dan komen de ethische vraagstukken al snel bovendrijven. Hoe zit het met privacy? Met de veiligheid? De kwaliteit van de zorg? Boon: ‘Deze techniek zou ervoor kunnen zorgen dat kinderen met een beperking langer thuis kunnen wonen, omdat vooral de nachtbewaking voor ouders heel zwaar is.’

Dromen en Groeifondsen
Emile Aarts hoopt met zijn ELSA Labs snel te groeien. Een op handen zijnde bijdrage uit het landelijke Groeifonds -ook bekend als het Wopke Wiebes-fonds- zal een enorme impuls zijn. Met die investering hoop Aarts dat er in 2025 al 40 tot 50 ELSA Labs in Nederland zijn.

En wat zijn de dromen van Evers en Boon? Evers: ‘Dat we door een wijkgerichte aanpak écht die gezondheidsverschillen kunnen verkleinen. Met technologie die gericht is op de burger.’ Boon: ‘Dat door betere en slimmere technologie ook mensen met een beperking thuis kunnen wonen en hun eigen leven kunnen leiden.’

Voeg toe aan selectie