Internet tegen corona

Initiatieven voor de nieuwe werkelijkheid

Corona heeft ons leven danig veranderd. De maatschappij probeert zo goed en zo kwaad als het gaat in te spelen op de nieuwe situatie. Feit is dat we ons leven moeten aanpassen. Het SIDN fonds ondersteunt maar liefst zestien IT- initiatieven die inspelen op de nieuwe werkelijkheid. Programmamanager Mieke van Heesewijk geeft deze middag het podium aan drie van deze nieuwe projecten.

IRMA- meet: privacy-vriendelijk vergaderen
Sinds maart van dit jaar kan niemand er meer onderuit: digitaal vergaderen. Nu zijn er veel applicaties waarmee je met elkaar kunt praten, maar hoe veilig zijn die? Koen de Jonge is een van de bedenkers van IRMA Meet. ‘Als je thuis werkt krijg je veel te maken met videoverbindingen. Het is toch fijn als je elkaar kunt zien.’ Maar het is helemaal fijn als je ook zeker weet wie je aan de andere kant van het scherm ziet. Daarom bedacht hostingbedrijf ProcoliX samen met de Privacy by Design Foundation “IRMA”, wat staat voor “I Reveal My Assets”. Met IRMA kun je op een privacy-vriendelijke manier eigenschappen van jezelf delen met anderen, bijvoorbeeld je gegevens uit de Basisregistratie Personen.

Jij hebt de controle over met wie je informatie deelt

Een ideaal programma voor advocaten, notarissen, gemeenten, de zorg en het onderwijs. Werkvelden waarbij identificatie soms nodig is, maar de privacy wel gewaarborgd moet worden. IRMA Meet is nu nog een basisversie, maar De Jonge en zijn collega’s werken inmiddels ook aan hele specifieke toepassingen van de app. Bijvoorbeeld voor de Radboud Universiteit, die kijkt of ze het kunnen gebruiken voor proctoring; studenten vanuit huis bekijken terwijl ze een tentamen maken. ‘Jij hebt de controle over met wie je je informatie deelt.’

Onderzoek naar nieuwe kwetsbaarheid
Martijn Sax is onderzoeken bij iVIr: het Instituut voor Informatierecht, onderdeel van de rechtenfaculteit van de Universiteit van Amsterdam. In dit instituut kijken juristen, filosofen en communicatiewetenschappers samen naar de juridische en sociale aspecten ‘die je helder op het netvlies zou willen hebben als je coronatechnologie gaat invoeren.’

Je hebt een veel fijnmaziger idee van kwetsbaarheid nodig

Zij zijn nu bezig aan een subproject over kwetsbaarheid en vrijwilligheid. De invoer van de coronamelder-app heeft alles met die twee begrippen te maken. Je mag wettelijk niemand dwingen om de app te downloaden, maar het is moeilijk om dat te garanderen. ‘De sociale realiteit zit rommeliger in elkaar dan je in een wet kunt vastleggen’, zegt Sax. Er is veel aandacht voor mensen die kwetsbaar zijn voor het virus: ouderen, zwaarlijvige mensen, mensen met longproblemen. Maar het is inmiddels duidelijk dat je ook op hele andere manieren kwetsbaar kunt zijn voor het virus. Bijvoorbeeld omdat je in je werk met veel mensen in contact komt, zoals kappers. Maar ook mensen die kwetsbaar zijn door hun sociale of economische situatie. Sax heeft vrienden die nog in hun proefperiode van hun nieuwe baan zitten. Kunnen deze mensen, als ze in de buurt van een coronapatiënt zijn geweest, wel in quarantaine? Of raken ze dan hun baan kwijt?

Wettelijk denken we bij “kwetsbare mensen” aan heel oude of heel jonge mensen, of mensen met beperkte cognitieve kennis. Sax: ‘Maar je hebt een veel fijnmaziger idee van kwetsbaarheid nodig.’

Met steun van het SIDN fonds doen Sax en zijn collega’s onderzoek naar onder andere deze groepen, en wat de coronamelder-app voor hen betekent. Die kennis dragen ze onder andere over aan ministeries en NGO’s. Sax: ‘Zo onderzoeken we hoe de mensen in deze tijden vrij en vrijwillig kunnen denken over welke technologie ze wel of niet willen gebruiken.’

Stagelopen in tijden van corona
Een ander groot probleem van deze corona-periode is het feit dat MBO-studenten veel moeilijker aan een stageplek kunnen komen. Bedrijven hebben het al druk genoeg met het managen van hun eigen medewerkers. En stage lopen terwijl je thuis werkt, is natuurlijk ook heel anders dan wanneer je als stagiair tussen je collega’s zit. Maar zonder stage kunnen deze MBO’ers niet afstuderen. Je hebt geen doorstroom van studenten naar de arbeidsmarkt.

Matthias Olivieiro werkt bij Conduction, een IT-bedrijf. Zij werden de afgelopen maanden platgebeld door ROC’s met de vraag of ze nog stagiaires nodig hadden. Maar ook zij hebben maar een paar plekken te vergeven. Hij zegt: ‘Ik vind het te vroeg om te zeggen dat dit een verloren generatie is, maar als deze crisis zo doorgaat, dan kan dat best die kant opgaan.’

Dat moest anders, vonden Olivieiro en zijn collega’s. En dus bedachten ze een platform, waarop bedrijven hun challenges kunnen melden. ‘Een bedrijf of een overheid zegt: “ik heb een probleem. Help mij dat oplossen.” Studenten kunnen zich daarop inschrijven. Hierdoor kan de student genoeg werkervaring krijgen.’ En hij of zij leert veel. Olivieiro: ‘Ze moeten samenwerken, problemen oplossen. Ze worden beoordeeld door een bedrijf. En alles is openbaar, dus een volgende stageplek kan meteen zien wat de kwaliteiten van deze stagiair zijn.’

We hebben ze echt online-etiquette geleerd

Zo werkt de student aan een heus portfolio. Een pilot met het ROC Flevoland smaakte naar meer. En het bleek dat er voor de stagiair ook veel te leren valt als het gaat om thuiswerken. Olivieiro: ‘We hebben ze echt thuiswerk-etiquette geleerd. Bijvoorbeeld dat, wanneer je in een online vergadering zit, je niet met de microfoon voor je neus een kom vol muesli moet opeten.’
Conduction wil graag door met het platform en hoopt in de toekomst samen te kunnen werken met meer ROC’s. Ook hoopt zij ambassadeurs te vinden die deze nieuwe manier van stagelopen willen omarmen.

 

Voeg toe aan selectie